Ordonnantie 1589 'Reinheitsgebot' van de Spaanse Nederlanden

Hieronder is uitgeschreven de ordonnantie op het stuk van de bieren dat als Nederlandse tegenhanger gezien kan worden van het Reinheitsgebot uit Zuid-Duitsland. Maar in de eeuwen daarvoor waren er al zeer vele stedelijke regelementen geweest over de aard en inhoud van bier, met passages als ‘geen ander kruid als hop’.
De 'Coninck' waarvan hieronder sprake is moet Filips II van Spanje zijn geweest en de Hertog van Parma die voorkomt in de ordonnantie was zijn veldheer. Hij heette Alessandro en was een zoon van Margareta van Parma van wie hij het gouverneurschap van de Spaanse Nederlanden overnam.

Persoonlijk eigendom
Zij beschouwden het land, de steden en de mensen erin als hun persoonlijk bezit en zijn hoofdrolspelers in een strijd van katholiek tegen protestant, wijndrinkers tegen bierdrinkers en oude adel tegen vrijdenkende handelaren waaruit Nederland en België zijn ontstaan.

De context
In 1568 werd de Graaf van Egmont op de Grote Markt van Brussel onthoofd als een van eerste handelingen in de tachtigjarige oorlog. Een paar jaar vóór de ordonnantie werd Willem van Oranje, aanvankelijk één van de oude machthebbers, vermoord. Er stond een prijs op zijn hoofd sinds hij besloot mee te doen aan de opstand. Een paar jaar na de ordonnantie, in 1595, stuurde men vier schepen om een noordelijke doorvaart naar India te zoeken. Binch(e) is een Belgische stad en gemeente in de provincie Henegouwen. Deze ordonnantie is welliswaar ingevoerd maar nooit is gebleken dat er gevolg aan werd gegeven.

Freek Ruis.



PLACCAET S'CONINCKS ONS GHEDVCHTS HEEREN, DAERBY GHE-
ordonneert ende ghestatueert is, dat niemant egheene Biere sal moghen brauwen met andere substancien ende ingredienten, dan met goede ordinarisse greane ende Hoppe: verbiedende allen Brauwers, dat sy in hunne Brausels gheene Cruyden ofte andere substantien, menghelyngen ofte compostiëen doen, noch de selve coopen oft binnen hunne huysen houden, op de peinen daerby vermelt. Gheghene te Binch, den vyfften dach van December, M.D.LXXXIX.

BYDEN CONINCK.
Onsen lieuen ende gehetrouwen die President ende lieden van onsen Raede in Vlaendren, saluyt ende dilectie.
Alsoo wy behoorlicken onderricht syn, dat binnen vele onser steden ende quartieren van herwaerts-ouere diuerse soorten van Bieren, soo witte als andere stercke dranken van grooten pryse ghebrouwt worden, ende ghesleten binnen de Herberghen, Tauernen ende Cabaretten, in welcke Bieren beuonden worden gheminghelt te wesen, bouen de ordinarisse greanen, dienende totte compositie van diere, vele dynghen, ende ingredienten van diuerse Cruyden, ende andere onbehoorlicke substantien, zommighe zelfs venynich ende grootelycx hynderlick wesende, aen de ghesontheyt der menschen, alleenlick dienende, om die droncken te maeken, ende de herssenen vande persoonen te troubleren, die verweckende, om des te meer den voornomden dranck te continueren, ende hem zeluen buyten alle redelickheyt te stellen, waer uyt dickwils twisten, kyuagien, dullicheeden ende rasernien syn spruytende, volghentlick dootslaeghen, blasphemien ende meer andere afgryselicke faiten ende misdaden, oock diuersche zieckten, ende zomwyle de doot aen vele persoonen.
Soo eyst, dat willende daerinne voorsien ende orden stellen: Hebben, by deliberatie van onsen zeer lieuen ende zeer beminden goede Neue, den Hertoghe van Parme, en van Plaisante, Ridder van onser Orden, Stadthouder, Gouuerneur ende Capiteyn generael, van onse Landen van herwaerts-ouere. Gheordonneert ende ghestatueert, ordonneren en statueren by dese jeghenwoordighe, dat niemandt egheene Bieren sal moghen Brouwe met andere substantien ende ingredienten, dat met goede ordinarisse graenen ende hoppen, ghelyckmen hier-voormaels plach te doene. Verbiedende wel expresselicken allen Brouwers, dat sy in hunne Brouwsels gheene Cruyden, oft andere substantien, menghelynghen oft compositien en doen, noch de selve coopen, oft binnen hunne huysen houden, op peine van te verbeuren bouuen het voornoemde Brouwsel, de somme van t'zestich ponde van veertich grooten onser Vlaemser munten t'pondt, ende daer-enbouen arbitrailicken gestraft te worden, tsy inden Lyfue, oft anderssins, niet alleenlick met priuatie van hun Ambacht, maer oock by andere peinen: Te bekeeren d'een derdendeel vande voornomde Biere ende amenden t'onsen profyte. d'ander derdendeel tot profyte vanden aenbryngher, ende het derde derdendeel tot profyte vanden Officier, die daarvan d'executie doen sal. Aucthoriserende de Officiere van elcke plaetse, dat sy met toe doen sal, om te weten, oft dese onse jeghenwoordige Ordonnantie ende Verbodt behoorlyken onderhouden wordt. Ordonnerede oock aen allen Officieren en Magistraeten, dat sy, soo wel by hen, als by de ghene ghecommiteert wesende, op t'stuck van de Bieren ende Brouwsels goede toesicht draegen, dat teghe s al t'ghene des voorseyt is, niet ghedaen en worde, op peine van ons te verhaelen op de ghene die onachtsaem zullen wesen. Ende ten eynde dat niemandt daervan ignorantie en pretendere: ontbieden ende beuelen wy u, dat ghy terstont ende zonder vertreck dese jeghenwoordighe Ordonnantie doet condighen, uytroepen, ende publiceren, alomme binnen de Steden ende plaetsen van onsen Lande ende Graefschepe van Vlaendren, daermen ghewoonlyk is uytroepynghen ende publicatien te doene. Ende tot onderhoudenisse ende obseruatie van diere, procedeert ende doet procederen, teghens de ouertreders ende onghehoorsaeme, by executie vande peinen bouen verhealt, zonder eenighe gunste, dissimulatie oft verdragh: dies te doene met diesser aencleeft, gheuen wy u volcommen macht, aucthoriteit ende zonderlyngh beuel.
Ontbieden ende beuelen allen ende eenen yeghelicken, dat sy u t'zelue doende ernstelicken verstaen ende obedieren: Want ons alsoo ghelieft. Ghegheuen in onser stadt van Binch, onder onsen Contrezeghel hierop ghedruckt in Placcaete, den vyfften dach van Decembre, Duysent vyf-hondert Neghenentachtich. Paraphé Pamele Vt. Onder stondt gheschreuen: Byden Coninck in zynen Raede. Ende gheteeckent Verreyken.

Bron:
Ordonnancien, Statuten, Edicten en Placcaeten soo van weghen der Keyserlycke en Koniglyke Maiesteyten, als heurlieder doorlughtighste Voorsaeten; graven ende graefneden van Vlaendern, Volume 2 (Google eBoek gedigitaliseerd 13 juli 2010)
Peter Frans de Goesin, Jehan van den Steene, Judocus Alphonsus Varenbergh, Jacobus Philippus de Wulf, Flanders
Anna Van den Steene, 1629
p602-603

placaet-bovk-1589

doprgb50-455